Dit witte huisje met een rood dak heeft drie te openen raampjes, waaruit na de juiste handeling een diertje “uitspringt”. Het kind leert het principe oorzaak–gevolg: het moet een specifieke handmatige handeling uitvoeren zodat er een verrassing verschijnt in de vorm van een uitspringende leeuw, nijlpaard of pinguïn.
Op het huisje zitten drie gekleurde elementen met de nummers 1, 2, 3. Na draaien, schuiven of drukken verschijnt het verborgen diertje, wat het kind op natuurlijke wijze motiveert om te spelen en het steeds opnieuw te proberen.
Kenmerken: